Caractéristiques
État
Comme neuf
Année (orig.)
2008
Auteur
zie beschrijving
Description
||boek: Veranderend licht|Meulenhoff Roman
||door: Jens Christian Grondahl
||taal: nl
||jaar: 2008
||druk: 7e druk
||pag.: 330p
||opm.: paperback|zo goed als nieuw
||isbn: 978-90-290-8310-2
||code: 1:000947
--- Over het boek (foto 1): Veranderend licht ---
Als Irene Beckmans echtgenoot haar tijdens een familiediner vertelt dat zij van een ander houdt en dat hij van haar wil scheiden, wordt ze verrast door haar eigen reactie. Want waarom is ze niet volledig door zijn bekentenis uit het veld geslagen? Wat voelt ze precies voor haar man en in hoeverre kent ze hem eigenlijk?
Terwijl Irene haar verwarde gedachten probeert te ordenen, ontdekt ze bij toeval dat de man die van haar moeder scheidde toen Irene dertien jaar oud was, niet haar biologische vader is. Ze begint een zoektocht naar haar eigen achtergrond en naar de bronnen van haar gevoelsleven.
In Veranderend licht beschrijft Jens Christian Grondahl op zijn bekende, indringende wijze de complexiteit van de hartstocht en van menselijke relaties. Veranderend licht is een roman over liefde, zelfinzicht en de noodzaak oordelen te durven herzien, en wordt gedragen door Grondahls krachtige, poëtische, weemoedige stijl.
[bron: flaptekst]
Deens perspectief, niet het mijne! [2019-05-22]
Erg goed en gedetailleerd geschreven; qua proza wel 4 sterren waard. Maar... de voorspelbare somberheid uit het hoge Noorden is ook op elke bladzijde leesbaar en voelbaar en die typische Scandinavische houding van: het leven brengt geen geluk en zal dat ook nooit brengen, betreur ik en ergert mij.
Schrijver heeft opvallend inlevingsvermogen in vrouwen ook, was me al boeken geleden opgevallen.
Toch schildert hij veel te vaak naar mijn smaak en zin, van die teleurgestelde vijftigers: uitgebluste types, die zijn vastgelopen in een monotoon leven of juist met overspel/jongere partner weer wat fut in hun leven willen blazen, meestal alleen voor de vorm, de uiterlijke vorm. Een somber tijdsbeeld, want meestal gaan de mannen hun eigen gang en blijven de vrouwen teleurgesteld en onbegrepen achter.
Thema's, die men veel in Scand. films tegenkomt, zelfs kinderfilms is me opgevallen.
Hoort wel helaas bij de generatie schrijvers van Grondahls groep en minder bij de jongere generaties uit de Scand. landen, gelukkig, die soms een positiever perspectief hebben. Dat werd tijd!
Vanwege de thematiek en verhaallijnen 3 sterren, want ondanks goed geschreven, kabbelt het maar door.
leesvriendin [bron: https--www.bol.com]
Veel irrelevante informatie [2018-03-08]
Grondahl schrijft wel prettig, maar hij weidt over alles uit. Elke onbelangrijke bijfiguur krijgt een historie mee: waar en wanneer geboren, informatie over werk, relatie, (groot)ouders, etc. Totaal irrelevant voor het verhaal. Dat is jammer, want Grondahl verwerkt mooie thema's in zijn werk. Liefde en overspel komen in al zijn romans terug. Ondanks alle uitweidingen boeit het verhaal toch.
MaartAnirbe [bron: https--www.bol.com]
Veranderend licht-Jens Christian Grondahl [2014-05-21]
Deze week ben ik in Denemarken dus tijd voor een boek van één van de populairste auteurs van dat land: Jens Christian Grondahl. De eerste keer dat ik een boek van hem las was tijdens onze vakantie in Zweden (waarvoor we op de heenweg in Odense hadden overnacht), ik had de LibelleBookazine-versie van 'De tijd die nodig is' bij me (die ik overigens heb achtergelaten in ons vakantiehuisje dus mocht je het willen lezen..., daar kun je het vinden). En toen ik een dwarsligger-versie van een andere roman van hem tegenkwam, 'Dat weet je niet', hoefde ik niet lang te aarzelen: die ging mee naar Spanje. En als voorpret voor vertrek naar Kopenhagen las ik een roman die zich afspeelt in die stad: 'Veranderend licht'.
Hoofdpersonen uit de verhalen van Grondahl zijn vaak zelfstandige vrouwen tussen de 40 en de 60 jaar met een interessante carrière en gespeend van tutten-sentiment. De gescheiden zakenvrouw die te horen krijgt dat haar zoon iemand mishandeld heeft in 'de tijd die nodig is', de gesloten kunstenares uit 'Dat weet je niet' en Irene Beckman in 'Veranderend licht'. Irene is een 56 jaar oude echtscheidingsadvocate die wordt opgebeld door de vrouw van een vroegere (15 jaar jongere) minnaar: ze gaat van hem scheiden. Liever gezegd: hij dwingt haar tot een scheiding. Dat wat Irene zoveel jaar geleden niet van hem wilde wil een andere vrouw blijkbaar wel: dat hij vrouw en kind voor haar verlaat. Haar eigen huwelijk heeft ook de langste tijd gehad, weet ze: op haar antwoordapparaat heeft ze een poosje geleden een bericht gehoord van de minnares van haar man.Net als haar moeder is Irene getrouwd met een man die vooral heel veel van háár hield maar die haar uiteindelijk (vanwege gebrek aan intimiteit?) toch verlaat voor een ander. Ze denkt terug aan hoe haar relatie begon en aan de tijd die ze doorbracht met minnaar Thomas. Jens Christian Grondahl is een meester in het beschrijven van relaties en de gedachtewereld van de vrouw. Ook al lijkt er in zijn boeken niet veel te gebeuren, ze vervelen absoluut niet. Het boek eindigt met een zoektocht naar een man die een cruciale rol heeft gespeeld in haar leven. Een zoektocht die haar naar Wenen en Ljubljana (Slovenië) en hen nader tot elkaar brengt.
Houd je van goede psychologische romans? Dan ben je bij deze Deen aan het juiste adres.
kimindepen [bron: https--kimindepen.wordpress.com/2014/05/21/veranderend-licht-jens-christian-grondahl]
'Veranderend licht' van Jens Christian Grondahl
De roman Veranderend Licht lag al een tijdje op de stapel 'te lezen'. Eerder dit jaar las ik maakte ik kennis met de Deense schrijver Jens Christian Grondahl door het boek Indian Summer. Zijn krachtige, poëtische, weemoedige stijl smaakte naar meer. Hij slaagt er knap in om langs en door de kieren en krochten van de menselijke ziel te manoevreren en daar onverwachte onvoorspelbare innerlijke bewegingen tegen te komen. Deze roman gaat over zelfinzicht, en over de noodzaak oordelen te durven herzien. Hoofdpersoon is Irene, een 56-jarige advocate, gespecialiseerd in echtscheidingen. Zij wordt verlaten door haar man. Veel vrouwen in dit boek zijn door hun man verlaten voor een jonge blom: het gebeurde ook indertijd haar eigen moeder, en het gebeurt de vrouw van een eerdere minnaar van haar.
Tot haar eigen verbazing slaat het vertrek van haar man haar nauwelijks uit het lood. Wel heeft ze alle tijd en ruimte om haar levensgeschiedenis te overdenken. Wanneer ze haar moeder in het ziekenhuis bezoekt, die bang is dat ze in de narcose voor haar heupoperatie zal blijven, geeft deze haar een oud schoolschrift, dat ze alleen mag lezen als moeder het leven laat. Ze leest het schrift, ook al sterft haar moeder niet, en ontdekt daar ze dat haar vader, ofwel dat de man die van haar moeder scheidde toen ze dertien jaar oud was, niet haar biologische vader is. Dat is een eerdere geliefde van haar moeder, Samuel, cellist.
Ze begint een zoektocht naar deze vader, van wie ze alleen weet dat hij in de Tweede Wereldoorlog naar Zweden vluchtte om het vege lijf te redden. Toen hij na de oorlog terugkwam bleek zijn geliefde heel snel na zijn vertrek met zijn beste vriend getrouwd te zijn. Het slotstuk van het boek waarin ze haar vader gaat zoeken en door Europa rijdt (naar Wenen en Ljubljana, in beide steden ben ik de afgelopen jaren toevallig geweest) en hem uiteindelijk ook vindt vind ik het mooist.
De inmiddels 80-jarige Samuel draagt de hele wereldgeschiedenis met zich mee: geboren in een arm joods gezin in St. Petersburg, op zijn dertiende geemigeerd naar Kopenhagen, daar ontwikkeld tot briljant musicus, maar in 1942 gevlucht naar Zweden. Na de oorlog verhuisd naar Palestina, getrouwd met een vrouw die Auschwitz overleefd heeft, zoon verloren tijdens de Zesdaagse Oorlog, daarna pleegt zijn vrouw zelfmoord. Hij verhuist naar New York, en strijkt uiteindelijk neer in Wenen.
Vader dochter? Daar zijn ze te oud voor. Toch is zij ineens verbonden met de wereldgeschiedenis en de verschoppelingen der aarde. Uiteindelijk op weg naar huis terug neemt ze in de achterbak van haar auto een vluchteling mee de grens over. Mooi wijs boek. Niets in onze persoonlijke geschiedenis is voorspelbaar. De dingen gebeuren en alles kan altijd weer veranderen. En iedereen. Zoiets.
Lucie [bron: http--boekbladleest.blogspot.com/2010/01/lucie-leest-veranderend-licht-van-jens.html]
--- Over (foto 2): Jens Christian Grondahl ---
Jens Christian Grondahl (Lyngby, 9 november 1959) is een Deens schrijver.
Grondahl studeerde van 1977 tot 1979 filosofie aan de Universiteit van Kopenhagen en werd daarna aan Den Danske Filmskole opgeleid tot filmregisseur als studiegenoot van Lars von Trier. Na zijn afstuderen in 1983 gaf hij de voorkeur aan een schrijverscarrière. Van 1997 tot 1999 was hij dramaturg bij het Aarhus Teater.
Zijn eerste boek, het realistisch geschreven Kvinden i midten, verscheen na een verblijf in Noord-Italië in 1985. Daarna volgde met regelmatige intervallen een vijftiental andere romans. Hij schreef daarnaast twee toneelstukken en teksten voor de radio. Liefde en in de loop van de tijd verblekende menselijke relaties vormen in zijn werk een leidend thema. In zijn essaybundels reflecteert hij niet alleen op zijn schrijverschap, maar ook op vraagstukken van politiek en cultuur.
In 1990-1991 was hij vicepresident van de PEN-club in Denemarken. Zijn werk werd in binnen- en buitenland genomineerd voor en bekroond met verschillende literaire prijzen. Hij ontving onder meer een driejarig stipendium van het Deense Staats-kunstfonds in 1990, De Gyldne Laurbær in 1999 en de Soren Gyldendal-prijs in 2007. Hij stond met zijn boek An altered light (Et andet lys) in 2006 op de shortlist voor de International IMPAC Dublin Literary Award.
In 2017 kwam Grondahl in opspraak door een uitglijder. Over de door de Deense uitvinder Peter Madsen vermoorde Zweedse journaliste Kim Wall merkte hij in een tweegesprek met Jorgen Leth op: "Het is NOOIT de schuld van een vrouw als een man besluit haar aan te vallen. Maar, dat gezegd hebbende... nou, als ik kijk naar de foto van het slachtoffer, hoe ze zich laat fotograferen, hoe ze in de camera kijkt... kan ik er niet omheen dat dit een meisje is dat problemen zoekt". Nadat hierover grote ophef ontstond trok hij zijn woorden in en bood excuses aan. Volgens literatuurcritici zou de verwijzing naar MeToo in zijn roman Inde fra stormen (De storm) uit 2019 gelezen kunnen worden als een indirecte vorm van zelfrechtvaardiging.
Romans
Verhalen
Thriller
Toneel
Kinderboek
Memoires
Essays
[bron: wikipedia]
Jens Christian Grondahl (Denemarken, 1959) is een van de succesvolste schrijvers van dit moment. Zijn werk verschijnt in meer dan dertig landen en werd in binnen- en buitenland genomineerd voor en bekroond met verschillende literaire prijzen. Bij Meulenhoff verschenen meer dan vijftien romans van Grondahl, waaron de bestseller Portret van een man. Grondahl woont in Kopenhagen.
[bron: https--www.meulenhoff.nl/auteur/jens-christian-grondahl]
In de verhalen van Jens Christian Grondahl blijft veel ongezegd [2021-06-04]
Vakkundig schrijft Jens Christian Grondahl over rouw, liefde en verlies. In zijn verhalen weet hij een hele wereld op te roepen. Soms schiet de Deense schrijver door en gaat de literaire techniek als een trucje voelen.
Dagen als gras van de ook in Nederland succesvolle Deense schrijver Jens Christian Grondahl (Portret van een man, Vaak ben ik gelukkig) is een bundel van zes verhalen. Die zijn elk apart rijk genoeg om ze, zoals de uitgever doet, kleine romans te kunnen noemen - ze zijn onderverdeeld in hoofdstukjes en beslaan meestal langere periodes van iemands leven, zoals het titelverhaal, waarin de jeugd van een oudere man beschreven wordt die zich op Jutland aan het einde van de Tweede Wereldoorlog over een Duitse soldaat ontfermt, of het verhaal over het liefdesleven van een oudere actrice.
Grondahl is een specialist in het weemoedig terugblikken op relaties en beslissende keuzes in mensenlevens en hij doet dat ook hier. Mooi beschrijft hij bijvoorbeeld hoe een huwelijk uit elkaar valt, terwijl de partners toch nog veel om elkaar geven, of het precieze moment waarop een vrouw beseft dat de relatie met haar vriend geen toekomst heeft.
Grondahl weet knap in kort bestek - het langste verhaal telt 88 pagina's, het kortste maar 36 - steeds een hele wereld op te roepen, waarin veel ongezegd blijft. De verhalen hebben geen nauw verband, al is in de meeste sprake van verlies, door een scheiding of de dood van een partner of een ouder.
Van een afstandje
Wie verhalen bundelt, dwingt de lezer als vanzelf tot vergelijken. Dan valt op dat het vaak niet makkelijk is mee te leven met de hoofdpersonen. Grondahl lijkt dat bewust na te streven door te kiezen voor vertellers die niet al te dicht bij hen staan. In het titelverhaal is het bijvoorbeeld de huisarts die vastlegt wat zijn inmiddels bejaarde patiënt hem heeft verteld over de belevenissen in zijn jeugd. Het verhaal van de oudere actrice wordt verteld door een schrijver die haar niet persoonlijk kende tot hij door haar werd uitgenodigd. Kennelijk, concludeert hij na haar overlijden, met de bedoeling dat hij haar verhaal zou optekenen.
Die vertellers zijn zo onnadrukkelijk aanwezig dat je kunt vergeten wie aan het woord is, terwijl je toch het gevoel houdt dat je de hoofdpersonen van een afstandje beziet en ze niet intiem leert kennen. Het is een aanpak die als het lukt niet stoort, maar soms doorschiet naar het te onpersoonlijke, naar hoofdpersonen die je eigenlijk niet voldoende interesseren. Zoals, opnieuw, de oudere actrice wier verhaal de vakman Grondahl heus vlot opschrijft, maar zonder dat je erdoor wordt geraakt.
Opvallen doet ook de manier waarop Grondahl de spanning opbouwt door zijn vertellers nogal expliciet te laten verwijzen naar iets dat de lezer nog niet weet maar later wel zal horen, met zinnen als 'Ik schrijf dit onder omstandigheden die niemand kon voorzien, ook Silvia niet', of, in een ander verhaal, 'Over drie maanden breekt de hel los (...). Maar nu is het nog rustig en zomer.' Het is techniek, maar als je die veel achter elkaar tegenkomt, gaat het voelen als een trucje.
Het meest geslaagde verhaal is het langste, 'Villa Ada'. Daarin vertelt een vader hoe zijn 15-jarige zoon ineens van huis (in Rome) weggelopen is, naar later blijkt om migranten te helpen in het stadspark Villa Ada. Dat zet een keten aan gebeurtenissen in gang die ook tot het einde leidt van het huwelijk van de Deense vader en zijn Italiaanse vrouw. In dit verhaal lukt het Grondahl goed de desintegratie van het huwelijk te beschrijven, de angst van de ouders om hun zoon, en hun liefde voor hem en, ondanks alles, voor elkaar.
Hanneke de Klerck [bron: https--www.volkskrant.nl/cultuur-media/in-de-verhalen-van-jens-christian-gr-ndahl-blijft-veel-ongezegd~b235c0b8]
De geur van wondvocht [2011-00-00]
Trauma, herinnering en identiteit bij Jens Christian Grondahl
Dat weet je niet is in vele opzichten een 'typische' Jens Christian Grondahl. De Deen registreert in zijn nieuwe, eind 2010 verschenen roman scherpzinnig de relatie tussen zijn hoofdpersonages en volgt hen in hun detailonderzoek naar het leven dat ze hebben geleefd. In dit geval zijn dat David, een zakenadvocaat, en Emma, zijn Engelse vrouw. Zoë, hun dochter, is de concrete aanleiding - ze exposeert voor de eerste keer als kunstenares en brengt haar Pakistaanse vriend mee naar huis. Grondahl bedient zich naar goede gewoonte van filmische procedés als de ellips, de flashback en de flashforward, technieken die hij heeft opgepikt uit zijn opleiding tot regisseur, en hij gebruikt, net als de door hem bewonderde Anton Tsjechov, een tussenpersoon om zijn verhaal op te bouwen.
Precies omdat zowat alle romans van Grondahl typisch Grondahl zijn, van hetzelfde hoge niveau, wordt wel eens beweerd dat de successchrijver steeds variaties op hetzelfde creëert - niet zelden is zijn onderwerp bijvoorbeeld, schijnbaar banaal, de liefde. Op de achterflap van de eerste drukken van de Nederlandse vertaling van Lucca, een roman uit 1998, stond bijna verontschuldigend: 'Het lijkt een doktersromannetje, verkrijgbaar in een stationskiosk'. En Arnon Grunberg schreef in september 2003 in zijn recensie van Veranderend licht: 'Als je kwaad wil, kun je Grondahls werk afdoen als keukenmeidenromans, eventueel keukenmeidenromans voor intellectuelen, omdat zijn personages zich met zoveel toewijding aan zelfreflectie overgeven' (DSL 2003). Maar het mag duidelijk zijn: deze romans zijn alles behalve dat.
Grunbergs stuk was getiteld: 'Weerbericht voor kleinburgers'. Hij had het onder meer over de vooroordelen waarmee het werk van Grondahl worstelt bij een oppervlakkige lezing. De Deen schrijft geen ambitieuze ideeënromans en gebruikt geen breed opgezette historische taferelen. Er is relatief weinig handeling, veel van zijn verhalen spelen zich af in de hoofden van de personages, en er wordt spaarzaam omgesprongen met dialogen - als hij ze al gebruikt, zijn ze opvallend weinig spits of hip. In Grondahls wereld is het vaak verschrikkelijk stil en wordt er gewacht op iets dat wel nooit zal komen. Het zwaartepunt in zijn romans is de beschrijving, de analyse. Zijn pen is, zoals dat heet, een scalpel.
Weerstand tegen geluk
Grondahls personages zijn typisch geslaagde burgers, advocaat, architect of dokter, 'verstopte exemplaren van de academische middenklasse' (DSL 2003). Ze wonen in westerse welvaartsstaten, in culturele wereldsteden als New York, Rome, Londen, Parijs of Kopenhagen, in wat alleen maar als 'onze tijd' omschreven kan worden. Ze hebben er carrières en gezinnen, maar zijn er ook eenzaam - ze verlangen, streven naar geluk, maar hebben vooral problemen met de liefde, en met zichzelf. Het is een intrigerende spiegel: zijn personages zijn zoals wij zijn, of zoals wij hadden of zouden kunnen zijn.
In interviews erkent Grondahl de betrekkelijke monomanie in zijn werk. In november 2008 liet hij optekenen: 'Hoewel ik voor iedereen schrijf, ga ik er niet van uit dat iedereen iets aan mijn boeken heeft. Ik geloof niet dat ik mezelf voortdurend kan heruitvinden als schrijver. Ik schrijf om bepaalde redenen - redenen die ook voor mij deels verborgen zijn. Door te schrijven en steeds terug te keren naar mijn obsessies, ga ik naar die redenen op zoek. Ik kies in dat opzicht niet echt mijn thema's - ze zijn daar. En ze zijn basaal: mannen en vrouwen, herinnering, tijd, verlangen' (DSL 2008). Grondahl heeft wat niet essentieel is, al lang geleden uitgebannen. Wie hem leest, verliest geen tijd met bijzaken.
Wellicht het belangrijkste thema in zijn tien tussen 1998 (Stilte in oktober) en 2010 (Dat weet je niet) vertaalde romans is de liefde, die Grondahl beschouwt als 'de enige stabiele kracht in een onstabiel leven'. Altijd, zegt hij, is er die 'nood om dicht bij iemand anders te zijn, om je leven te delen en aan het isolement te ontsnappen. Maar velen verlaten of worden verlaten' (DSL 2008). 'Geen banaal detail dat er niet door wordt verzacht en vertederd', door de liefde, maar in de praktijk is het vaak een amalgaam van 'verlating en schuld en betraand gebedel om wat warmte en tederheid' (JCG 2008).
Niet de perfecte of harmonieuze liefde is zijn werkterrein, maar de onmogelijkheid tot liefde, de beschadigde liefde, of op zijn minst de onvolkomen liefde. 'Er was steeds diezelfde onmerkbare afstand, alsof ze onophoudelijk van hem weggleed, zelfs wanneer hij haar in zijn armen hield', schrijft Grondahl in Virginia (JCG 2001). En in Indian summerluidt het: 'Ik vroeg me af hoe zo'n onrijpe en onkundige liefde het terugkerende thema in mijn leven had kunnen worden, ondanks alle andere vertakkingen, vrouwengezichten en open mogelijkheden daarin' (JCG 2002).
De liefde is bij Grondahl een stabiele kracht - niet alleen als ankerpunt in de chaos van het leven, maar ook, en misschien wel vooral, in haar willekeur. 'Het kan je liefde niet schelen van wie je houdt' (JCG 1998), beseft de verteller van Stilte in oktober. Zijn personages ervaren een afstand tussen de wereld en henzelf, en doorvoelen dat de mens in essentie alleen is. August, de schrijver uit Indian summer, wil 'de gebaren van de liefde veranderen in een liefdesgeschiedenis', maar stelt vast dat hij daarvoor met twee moet zijn, en dat ze 'het maar zelden eens waren over de inhoud van de vertelling' (JCG 2002). De mens is meer dan alleen: hij is ook bijzonder gebrekkig.
Dat wurgende besef verklaart mede waarom de personages die Grondahls fictieve universum bevolken in het algemeen niet gelukkig zijn, hoewel ze er op het eerste en ook wel op het tweede gezicht alles voor in handen hebben. In dat opzicht leven ze fascinerende maar tragische levens, met de 'lacunes van de lege dagen, de onverklaarbare aanvallen van de droefheid in de avond, de loerende angst, de sluimerende begeerte. Alsof het leven een nieuwtje was, enkel omdat hijzelf onlangs zijn portie had gehad aan teleurstellingen, misverstanden en verloren horizonnen' (JCG 2002).
In de romans van Jens Christian Grondahl floreert een bijna natuurkundige weerstand tegen geluk. Het deed Grunberg denken aan de brievenroman Les liaisons dangereuses van Choderlos de Laclos, 'waarin de hoofdpersonen de tijd doden met het spelen van spelletjes, gezelschapsspelletjes met de liefde' (DSL 2003). Omdat de personages voor de rest alles hebben, komt het altijd weer neer op de liefde, het gebrek eraan, en het vruchteloze verlangen ernaar.
Onvrijwillig geheugen
Het is goed spelen binnen de krijtlijnen die Grondahl heeft gekalkt. Zijn narratieve structuur is even elegant als herkenbaar: na de klassieke aanloop volgt een volta, een crisismoment dat de personages dwingt om terug te kijken op hun verleden, en het in bepaalde opzichten te herleven, om zo tot een loutering te komen, of net niet. In zijn essaybundel Drie stappen achteruit verbindt hij 'verhalen vertellen' met 'een gevoel van verlies': pas op het moment dat je iets voorgoed hebt verloren, maak je de balans op van de voorgeschiedenis, en kan een verhaal beginnen (JCG 2007).
Met die herkenbare verhaalopbouw verwijst Grondahl indirect naar zijn literaire voorbeeld Proust, die in A la recherche du temps perdu, in een wereldberoemde scène, beschrijft hoe de herinnering van de verteller wordt losgeweekt door de smaak van een in thee gesopt madeleinekoekje. Prousts verteller vergelijkt de ervaring met liefde, maar dan op een bijzondere manier - ze vervult hem met een 'essence précieuse' die niet zozeer in hem is, als wel hem zelf is.
Het tafereel is een sprekend voorbeeld van het concept 'onvrijwillig geheugen': de herinnering dringt zich op, overweldigend en onafwendbaar, en laat geen enkele andere optie dan terug te keren in de tijd.
Datzelfde concept keert, bijna als een kwaliteitslabel, terug in de meeste van zijn romans.Indian summer draait om de driehoeksverhouding tussen schrijver August, zijn jeugdliefde Alma en de schilder Gustav. Ooit had Alma een relatie met August, maar ze liet hem zitten voor zijn vriend Gustav. August trouwde daarna dan maar met Harriet, die hem uiteindelijk ook laat zitten: het overspoelt August allemaal wanneer hij Alma twintig jaar later tegenkomt op een receptie. In de ontroerende novelle Virginia valt het beslissende moment op een druilerige zondag in Parijs. De verteller komt er een vrouw tegen waarop hij vijftig jaar eerder in stilte stormachtig verliefd was tijdens een vakantie op Jutland. Het meisje verzorgde er de ondergedoken piloot van een neergestort Engels oorlogsvliegtuig, en viel voor hem. Door haar te bespieden en te volgen, leverde de jongen de piloot zonder dat zelf te willen over aan Duitse soldaten. Ook in Rode handen begint alles met een ontmoeting, tussen de verteller en Sonja, vijftien jaar na hun eerste kennismaking. Ze zet hem aan het denken. Toen zadelde ze hem na een korte ontmoeting op met een kluis vol Duitse marken en bleek ze zijdelings betrokken bij de Rote Armee Fraktion; nu is hij getrouwd en woont hij in een residentiële buitenwijk van Kopenhagen. In Stilte in oktober is de aanleiding voor de afdaling in het geheugen een relatiebreuk, na achttien jaar, tussen een kunsthistoricus en zijn vrouw. Terwijl hij zoekt naar een verklaring, en onafgebroken zijn geheugen afgraaft naar het moment en de plaats waar het fout zou kunnen zijn gelopen, ziet hij aan de hand van haar bankafschriften dat ze een reis overdoet die ze samen jaren eerder hebben gemaakt. Ook in het indringende De tijd die nodig is komt er een mislukt huwelijk aan te pas. Ingrid begint haar Proustiaanse terugkeer nadat ze op zakenreis wordt gebeld met de mededeling dat haar zoon op het politiekantoor wordt vastgehouden na een aanval op een allochtoon. Ze probeert de opvoeding van haar zoon te reconstrueren, om te weten te komen waar het fout is gegaan, en trekt de terugblik open tot haar hele leven, inclusief dat mislukte huwelijk - dat is 'net alsof ze haar oog tegen een telelens houdt, die een beperkte uitsnede vergroot door de tussenliggende afstand samen te persen en onherkenbaar te versluieren' (JCG 2008). David en Emma uit Dat weet je niet, daarentegen, hebben de echtscheidingstsunami in hun vriendenkring overleefd. Ze worden overspoeld door herinneringen over de opvoeding van hun dochter Zoë en over hun relatie waarbinnen zij is opgevoed - hoewel er ook andere relaties hadden kunnen zijn, met andere vrouwen of met een andere man, is dat niet gebeurd, of toch niet structureel.
Altijd beschrijft Grondahl, net als Proust, een specifieke aanleiding voor het verzinken in herinneringen. Er is een litteken of een wonde die door een bepaalde gebeurtenis wordt opengereten - de geur van het wondvocht werkt precies als een in een kop thee gesopt koekje en zet het onvrijwillige geheugen in gang. Aan de basis ligt altijd een trauma: een ongeconsumeerde liefde, een verkeerd uitgedraaide keuze, een ondraaglijk moment van willekeur, of, een favoriet onderwerp van Grondahl, overspel. Het komt in de meeste van zijn boeken voor, in Veranderend licht, Dat weet je niet, Lucca, Indian summer en Piazza Bucarest, en in De tijd die nodig is - de overspelroman bij uitstek. Iedereen pleegt het er: Ingrid en Anders, Frank en Lise, Norman en Berthe, Per en Ada.
Als overspel, 'terrorisme voor mondige burgers met een hypotheek en humanisten zonder noemenswaardige ideologie' (DSL 2003), niet zelf het beslissende moment is in de verhalen die Grondahl vertelt, is het ten minste olie op het vuur. Hij gebruikt het om in te zoomen op die specifieke momenten waarop de personages hun leven uiteen voelden spatten - daarin is Grondahl een absolute meester. Er is een associatie met het verlies van een 'broze waardigheid', die op haar beurt 'verbonden is met de nietsvermoedende onschuld van het slachtoffer' (JCG 2002).
In december 2010 zei Grondahl over Dat weet je niet: 'Dit is geen boek over verlies en echtscheidingen. De ruzie tussen Emma en David opent deuren naar het verleden, dat wel. Ik hou van kleine drama's en wat me daarin vooral interesseert, is wat die drama's met een mens doen, hoe wij die drama's zien, hoe ze ons gaandeweg veranderen' (DSL 2010).
Falsificatie van het geheugen
...
Constructie van een identiteit
...
Het failliet van het literaire vacuüm
...
De bevrijding van verhalen
...
Het is natuurlijk eigen aan de romanstructuur dat verhalen op een bepaald moment moeten eindigen - het medium is beperkt, net als de tijd en de ruimte. Tenslotte ging ook Odysseus, zelfs Odysseus, naar huis. 'Zoals het de logica van alle vertellingen is dat de cirkel gesloten moet worden', besloot Grondahl zijn lezing in de KVS. 'Maar hij was niet meer dezelfde. Daar had hij teveel voor gezien' (KVS 2010). Toch blijft hij kijken. In zijn hoofd vertelt de held nog steeds verhalen - hoe zou hij ook anders kunnen? En zolang Jens Christian Grondahl ze aan ons vertelt, blijven wij luisteren - hoe zouden we ook anders kunnen?
Alexander Van Caeneghem [bron: https--streventijdschrift.be/de-geur-van-wondvocht]
||door: Jens Christian Grondahl
||taal: nl
||jaar: 2008
||druk: 7e druk
||pag.: 330p
||opm.: paperback|zo goed als nieuw
||isbn: 978-90-290-8310-2
||code: 1:000947
--- Over het boek (foto 1): Veranderend licht ---
Als Irene Beckmans echtgenoot haar tijdens een familiediner vertelt dat zij van een ander houdt en dat hij van haar wil scheiden, wordt ze verrast door haar eigen reactie. Want waarom is ze niet volledig door zijn bekentenis uit het veld geslagen? Wat voelt ze precies voor haar man en in hoeverre kent ze hem eigenlijk?
Terwijl Irene haar verwarde gedachten probeert te ordenen, ontdekt ze bij toeval dat de man die van haar moeder scheidde toen Irene dertien jaar oud was, niet haar biologische vader is. Ze begint een zoektocht naar haar eigen achtergrond en naar de bronnen van haar gevoelsleven.
In Veranderend licht beschrijft Jens Christian Grondahl op zijn bekende, indringende wijze de complexiteit van de hartstocht en van menselijke relaties. Veranderend licht is een roman over liefde, zelfinzicht en de noodzaak oordelen te durven herzien, en wordt gedragen door Grondahls krachtige, poëtische, weemoedige stijl.
[bron: flaptekst]
Deens perspectief, niet het mijne! [2019-05-22]
Erg goed en gedetailleerd geschreven; qua proza wel 4 sterren waard. Maar... de voorspelbare somberheid uit het hoge Noorden is ook op elke bladzijde leesbaar en voelbaar en die typische Scandinavische houding van: het leven brengt geen geluk en zal dat ook nooit brengen, betreur ik en ergert mij.
Schrijver heeft opvallend inlevingsvermogen in vrouwen ook, was me al boeken geleden opgevallen.
Toch schildert hij veel te vaak naar mijn smaak en zin, van die teleurgestelde vijftigers: uitgebluste types, die zijn vastgelopen in een monotoon leven of juist met overspel/jongere partner weer wat fut in hun leven willen blazen, meestal alleen voor de vorm, de uiterlijke vorm. Een somber tijdsbeeld, want meestal gaan de mannen hun eigen gang en blijven de vrouwen teleurgesteld en onbegrepen achter.
Thema's, die men veel in Scand. films tegenkomt, zelfs kinderfilms is me opgevallen.
Hoort wel helaas bij de generatie schrijvers van Grondahls groep en minder bij de jongere generaties uit de Scand. landen, gelukkig, die soms een positiever perspectief hebben. Dat werd tijd!
Vanwege de thematiek en verhaallijnen 3 sterren, want ondanks goed geschreven, kabbelt het maar door.
leesvriendin [bron: https--www.bol.com]
Veel irrelevante informatie [2018-03-08]
Grondahl schrijft wel prettig, maar hij weidt over alles uit. Elke onbelangrijke bijfiguur krijgt een historie mee: waar en wanneer geboren, informatie over werk, relatie, (groot)ouders, etc. Totaal irrelevant voor het verhaal. Dat is jammer, want Grondahl verwerkt mooie thema's in zijn werk. Liefde en overspel komen in al zijn romans terug. Ondanks alle uitweidingen boeit het verhaal toch.
MaartAnirbe [bron: https--www.bol.com]
Veranderend licht-Jens Christian Grondahl [2014-05-21]
Deze week ben ik in Denemarken dus tijd voor een boek van één van de populairste auteurs van dat land: Jens Christian Grondahl. De eerste keer dat ik een boek van hem las was tijdens onze vakantie in Zweden (waarvoor we op de heenweg in Odense hadden overnacht), ik had de LibelleBookazine-versie van 'De tijd die nodig is' bij me (die ik overigens heb achtergelaten in ons vakantiehuisje dus mocht je het willen lezen..., daar kun je het vinden). En toen ik een dwarsligger-versie van een andere roman van hem tegenkwam, 'Dat weet je niet', hoefde ik niet lang te aarzelen: die ging mee naar Spanje. En als voorpret voor vertrek naar Kopenhagen las ik een roman die zich afspeelt in die stad: 'Veranderend licht'.
Hoofdpersonen uit de verhalen van Grondahl zijn vaak zelfstandige vrouwen tussen de 40 en de 60 jaar met een interessante carrière en gespeend van tutten-sentiment. De gescheiden zakenvrouw die te horen krijgt dat haar zoon iemand mishandeld heeft in 'de tijd die nodig is', de gesloten kunstenares uit 'Dat weet je niet' en Irene Beckman in 'Veranderend licht'. Irene is een 56 jaar oude echtscheidingsadvocate die wordt opgebeld door de vrouw van een vroegere (15 jaar jongere) minnaar: ze gaat van hem scheiden. Liever gezegd: hij dwingt haar tot een scheiding. Dat wat Irene zoveel jaar geleden niet van hem wilde wil een andere vrouw blijkbaar wel: dat hij vrouw en kind voor haar verlaat. Haar eigen huwelijk heeft ook de langste tijd gehad, weet ze: op haar antwoordapparaat heeft ze een poosje geleden een bericht gehoord van de minnares van haar man.Net als haar moeder is Irene getrouwd met een man die vooral heel veel van háár hield maar die haar uiteindelijk (vanwege gebrek aan intimiteit?) toch verlaat voor een ander. Ze denkt terug aan hoe haar relatie begon en aan de tijd die ze doorbracht met minnaar Thomas. Jens Christian Grondahl is een meester in het beschrijven van relaties en de gedachtewereld van de vrouw. Ook al lijkt er in zijn boeken niet veel te gebeuren, ze vervelen absoluut niet. Het boek eindigt met een zoektocht naar een man die een cruciale rol heeft gespeeld in haar leven. Een zoektocht die haar naar Wenen en Ljubljana (Slovenië) en hen nader tot elkaar brengt.
Houd je van goede psychologische romans? Dan ben je bij deze Deen aan het juiste adres.
kimindepen [bron: https--kimindepen.wordpress.com/2014/05/21/veranderend-licht-jens-christian-grondahl]
'Veranderend licht' van Jens Christian Grondahl
De roman Veranderend Licht lag al een tijdje op de stapel 'te lezen'. Eerder dit jaar las ik maakte ik kennis met de Deense schrijver Jens Christian Grondahl door het boek Indian Summer. Zijn krachtige, poëtische, weemoedige stijl smaakte naar meer. Hij slaagt er knap in om langs en door de kieren en krochten van de menselijke ziel te manoevreren en daar onverwachte onvoorspelbare innerlijke bewegingen tegen te komen. Deze roman gaat over zelfinzicht, en over de noodzaak oordelen te durven herzien. Hoofdpersoon is Irene, een 56-jarige advocate, gespecialiseerd in echtscheidingen. Zij wordt verlaten door haar man. Veel vrouwen in dit boek zijn door hun man verlaten voor een jonge blom: het gebeurde ook indertijd haar eigen moeder, en het gebeurt de vrouw van een eerdere minnaar van haar.
Tot haar eigen verbazing slaat het vertrek van haar man haar nauwelijks uit het lood. Wel heeft ze alle tijd en ruimte om haar levensgeschiedenis te overdenken. Wanneer ze haar moeder in het ziekenhuis bezoekt, die bang is dat ze in de narcose voor haar heupoperatie zal blijven, geeft deze haar een oud schoolschrift, dat ze alleen mag lezen als moeder het leven laat. Ze leest het schrift, ook al sterft haar moeder niet, en ontdekt daar ze dat haar vader, ofwel dat de man die van haar moeder scheidde toen ze dertien jaar oud was, niet haar biologische vader is. Dat is een eerdere geliefde van haar moeder, Samuel, cellist.
Ze begint een zoektocht naar deze vader, van wie ze alleen weet dat hij in de Tweede Wereldoorlog naar Zweden vluchtte om het vege lijf te redden. Toen hij na de oorlog terugkwam bleek zijn geliefde heel snel na zijn vertrek met zijn beste vriend getrouwd te zijn. Het slotstuk van het boek waarin ze haar vader gaat zoeken en door Europa rijdt (naar Wenen en Ljubljana, in beide steden ben ik de afgelopen jaren toevallig geweest) en hem uiteindelijk ook vindt vind ik het mooist.
De inmiddels 80-jarige Samuel draagt de hele wereldgeschiedenis met zich mee: geboren in een arm joods gezin in St. Petersburg, op zijn dertiende geemigeerd naar Kopenhagen, daar ontwikkeld tot briljant musicus, maar in 1942 gevlucht naar Zweden. Na de oorlog verhuisd naar Palestina, getrouwd met een vrouw die Auschwitz overleefd heeft, zoon verloren tijdens de Zesdaagse Oorlog, daarna pleegt zijn vrouw zelfmoord. Hij verhuist naar New York, en strijkt uiteindelijk neer in Wenen.
Vader dochter? Daar zijn ze te oud voor. Toch is zij ineens verbonden met de wereldgeschiedenis en de verschoppelingen der aarde. Uiteindelijk op weg naar huis terug neemt ze in de achterbak van haar auto een vluchteling mee de grens over. Mooi wijs boek. Niets in onze persoonlijke geschiedenis is voorspelbaar. De dingen gebeuren en alles kan altijd weer veranderen. En iedereen. Zoiets.
Lucie [bron: http--boekbladleest.blogspot.com/2010/01/lucie-leest-veranderend-licht-van-jens.html]
--- Over (foto 2): Jens Christian Grondahl ---
Jens Christian Grondahl (Lyngby, 9 november 1959) is een Deens schrijver.
Grondahl studeerde van 1977 tot 1979 filosofie aan de Universiteit van Kopenhagen en werd daarna aan Den Danske Filmskole opgeleid tot filmregisseur als studiegenoot van Lars von Trier. Na zijn afstuderen in 1983 gaf hij de voorkeur aan een schrijverscarrière. Van 1997 tot 1999 was hij dramaturg bij het Aarhus Teater.
Zijn eerste boek, het realistisch geschreven Kvinden i midten, verscheen na een verblijf in Noord-Italië in 1985. Daarna volgde met regelmatige intervallen een vijftiental andere romans. Hij schreef daarnaast twee toneelstukken en teksten voor de radio. Liefde en in de loop van de tijd verblekende menselijke relaties vormen in zijn werk een leidend thema. In zijn essaybundels reflecteert hij niet alleen op zijn schrijverschap, maar ook op vraagstukken van politiek en cultuur.
In 1990-1991 was hij vicepresident van de PEN-club in Denemarken. Zijn werk werd in binnen- en buitenland genomineerd voor en bekroond met verschillende literaire prijzen. Hij ontving onder meer een driejarig stipendium van het Deense Staats-kunstfonds in 1990, De Gyldne Laurbær in 1999 en de Soren Gyldendal-prijs in 2007. Hij stond met zijn boek An altered light (Et andet lys) in 2006 op de shortlist voor de International IMPAC Dublin Literary Award.
In 2017 kwam Grondahl in opspraak door een uitglijder. Over de door de Deense uitvinder Peter Madsen vermoorde Zweedse journaliste Kim Wall merkte hij in een tweegesprek met Jorgen Leth op: "Het is NOOIT de schuld van een vrouw als een man besluit haar aan te vallen. Maar, dat gezegd hebbende... nou, als ik kijk naar de foto van het slachtoffer, hoe ze zich laat fotograferen, hoe ze in de camera kijkt... kan ik er niet omheen dat dit een meisje is dat problemen zoekt". Nadat hierover grote ophef ontstond trok hij zijn woorden in en bood excuses aan. Volgens literatuurcritici zou de verwijzing naar MeToo in zijn roman Inde fra stormen (De storm) uit 2019 gelezen kunnen worden als een indirecte vorm van zelfrechtvaardiging.
Romans
- 1985 Kvinden i midten
- 1986 Syd for floden
- 1988 Rejsens bevægelser
- 1990 Det indre blik
- 1991 Skyggen i dit sted
- 1992 Dagene skilles
- 1993 Stilheden i glas
- 1994 Indian Summer - (Ned. titel Indian summer, 2002; vert. Gerard Cruys)
- * bekroond met Herman Bangs mindelegat in 1995
- 1996 Tavshed i oktober (Ned. titel Stilte in oktober, 1998; vert. Gerard Cruys)
- 1998 Lucca - (Ned. titel Lucca, 2000; vert. Gerard Cruys)
- * bekroond met De Gyldne Laurbær in 1998
- 1999 Hjertelyd (Ned. titel Hartslag, 2004; vert. Gerard Cruys)
- 2002 Et andet lys - (Ned. titel Veranderend licht, 2003; vert. Gerard Cruys)
- * bekroond met de Danske Bank Literaturprijs in 2003
- 2004 Piazza Bucarest (Ned. titel Piazza Bucarest, 2005; vert. Gerard Cruys)
- 2006 Rode hænder (Ned. titel Rode handen, 2006; vert. Annelies van Hees)
- 2008 Den tid det tager (Ned. titel De tijd die nodig is, 2008; vert. Annelies van Hees)
- 2009 Fire dage i marts
- 2010 Det gor du ikke (Ned. titel Dat weet je niet, 2012; vert. Annelies van Hees)
- 2012 For vi siger farvel (Ned. titel Voordat we afscheid nemen, 2012; vert. Annelies van Hees)
- 2013 Tit er jeg glad (Ned. titel Vaak ben ik gelukkig, 2017; vert. Femke Blekkingh-Muller)
- 2014 Jernporten (Ned. titel Portret van een man, 2015; vert. Femke Blekkingh-Muller)
- 2019 Inde fra stormen (Ned. titel De storm, 2019; vert. Femke Muller)
Verhalen
- 2001 Virginia, vertelling (Ned. titel Virginia, 2001; vert. Gerard Cruys)
- 2020 Dage som græs, verhalenbundel (Ned. titel Dagen als gras, 2021, vert. Femke Muller)
Thriller
- 2013 Det Godes pris (onder het pseudoniem Christian Tornbakke)
Toneel
- 1998 Hvor var vi lykkelige
- 1999 De sorte skov
Kinderboek
- 2013 Med bedstemor i tidens labyrint (Ned. titel Mijn oma's verhaal, 2014; vert. Bernadette Custers)
Memoires
- 2010 Om en time springer træerne ud (Ned. titel Over een uur ontluiken de bomen, 2010; vert. Annelies van Hees)
Essays
- 1991 Sekundernes ensomhed
- 1995 Ved flodens munding
- 1998 Night mail
- 2005 Sihaya ti amo
- 2007 Tre skridt tilbage (Ned. titel Drie stappen achteruit, 2007; vert. Annelies van Hees)
- 2013 Den sibriske måne
- 2015 Hjemme i Europa
[bron: wikipedia]
Jens Christian Grondahl (Denemarken, 1959) is een van de succesvolste schrijvers van dit moment. Zijn werk verschijnt in meer dan dertig landen en werd in binnen- en buitenland genomineerd voor en bekroond met verschillende literaire prijzen. Bij Meulenhoff verschenen meer dan vijftien romans van Grondahl, waaron de bestseller Portret van een man. Grondahl woont in Kopenhagen.
[bron: https--www.meulenhoff.nl/auteur/jens-christian-grondahl]
In de verhalen van Jens Christian Grondahl blijft veel ongezegd [2021-06-04]
Vakkundig schrijft Jens Christian Grondahl over rouw, liefde en verlies. In zijn verhalen weet hij een hele wereld op te roepen. Soms schiet de Deense schrijver door en gaat de literaire techniek als een trucje voelen.
Dagen als gras van de ook in Nederland succesvolle Deense schrijver Jens Christian Grondahl (Portret van een man, Vaak ben ik gelukkig) is een bundel van zes verhalen. Die zijn elk apart rijk genoeg om ze, zoals de uitgever doet, kleine romans te kunnen noemen - ze zijn onderverdeeld in hoofdstukjes en beslaan meestal langere periodes van iemands leven, zoals het titelverhaal, waarin de jeugd van een oudere man beschreven wordt die zich op Jutland aan het einde van de Tweede Wereldoorlog over een Duitse soldaat ontfermt, of het verhaal over het liefdesleven van een oudere actrice.
Grondahl is een specialist in het weemoedig terugblikken op relaties en beslissende keuzes in mensenlevens en hij doet dat ook hier. Mooi beschrijft hij bijvoorbeeld hoe een huwelijk uit elkaar valt, terwijl de partners toch nog veel om elkaar geven, of het precieze moment waarop een vrouw beseft dat de relatie met haar vriend geen toekomst heeft.
Grondahl weet knap in kort bestek - het langste verhaal telt 88 pagina's, het kortste maar 36 - steeds een hele wereld op te roepen, waarin veel ongezegd blijft. De verhalen hebben geen nauw verband, al is in de meeste sprake van verlies, door een scheiding of de dood van een partner of een ouder.
Van een afstandje
Wie verhalen bundelt, dwingt de lezer als vanzelf tot vergelijken. Dan valt op dat het vaak niet makkelijk is mee te leven met de hoofdpersonen. Grondahl lijkt dat bewust na te streven door te kiezen voor vertellers die niet al te dicht bij hen staan. In het titelverhaal is het bijvoorbeeld de huisarts die vastlegt wat zijn inmiddels bejaarde patiënt hem heeft verteld over de belevenissen in zijn jeugd. Het verhaal van de oudere actrice wordt verteld door een schrijver die haar niet persoonlijk kende tot hij door haar werd uitgenodigd. Kennelijk, concludeert hij na haar overlijden, met de bedoeling dat hij haar verhaal zou optekenen.
Die vertellers zijn zo onnadrukkelijk aanwezig dat je kunt vergeten wie aan het woord is, terwijl je toch het gevoel houdt dat je de hoofdpersonen van een afstandje beziet en ze niet intiem leert kennen. Het is een aanpak die als het lukt niet stoort, maar soms doorschiet naar het te onpersoonlijke, naar hoofdpersonen die je eigenlijk niet voldoende interesseren. Zoals, opnieuw, de oudere actrice wier verhaal de vakman Grondahl heus vlot opschrijft, maar zonder dat je erdoor wordt geraakt.
Opvallen doet ook de manier waarop Grondahl de spanning opbouwt door zijn vertellers nogal expliciet te laten verwijzen naar iets dat de lezer nog niet weet maar later wel zal horen, met zinnen als 'Ik schrijf dit onder omstandigheden die niemand kon voorzien, ook Silvia niet', of, in een ander verhaal, 'Over drie maanden breekt de hel los (...). Maar nu is het nog rustig en zomer.' Het is techniek, maar als je die veel achter elkaar tegenkomt, gaat het voelen als een trucje.
Het meest geslaagde verhaal is het langste, 'Villa Ada'. Daarin vertelt een vader hoe zijn 15-jarige zoon ineens van huis (in Rome) weggelopen is, naar later blijkt om migranten te helpen in het stadspark Villa Ada. Dat zet een keten aan gebeurtenissen in gang die ook tot het einde leidt van het huwelijk van de Deense vader en zijn Italiaanse vrouw. In dit verhaal lukt het Grondahl goed de desintegratie van het huwelijk te beschrijven, de angst van de ouders om hun zoon, en hun liefde voor hem en, ondanks alles, voor elkaar.
Hanneke de Klerck [bron: https--www.volkskrant.nl/cultuur-media/in-de-verhalen-van-jens-christian-gr-ndahl-blijft-veel-ongezegd~b235c0b8]
De geur van wondvocht [2011-00-00]
Trauma, herinnering en identiteit bij Jens Christian Grondahl
Dat weet je niet is in vele opzichten een 'typische' Jens Christian Grondahl. De Deen registreert in zijn nieuwe, eind 2010 verschenen roman scherpzinnig de relatie tussen zijn hoofdpersonages en volgt hen in hun detailonderzoek naar het leven dat ze hebben geleefd. In dit geval zijn dat David, een zakenadvocaat, en Emma, zijn Engelse vrouw. Zoë, hun dochter, is de concrete aanleiding - ze exposeert voor de eerste keer als kunstenares en brengt haar Pakistaanse vriend mee naar huis. Grondahl bedient zich naar goede gewoonte van filmische procedés als de ellips, de flashback en de flashforward, technieken die hij heeft opgepikt uit zijn opleiding tot regisseur, en hij gebruikt, net als de door hem bewonderde Anton Tsjechov, een tussenpersoon om zijn verhaal op te bouwen.
Precies omdat zowat alle romans van Grondahl typisch Grondahl zijn, van hetzelfde hoge niveau, wordt wel eens beweerd dat de successchrijver steeds variaties op hetzelfde creëert - niet zelden is zijn onderwerp bijvoorbeeld, schijnbaar banaal, de liefde. Op de achterflap van de eerste drukken van de Nederlandse vertaling van Lucca, een roman uit 1998, stond bijna verontschuldigend: 'Het lijkt een doktersromannetje, verkrijgbaar in een stationskiosk'. En Arnon Grunberg schreef in september 2003 in zijn recensie van Veranderend licht: 'Als je kwaad wil, kun je Grondahls werk afdoen als keukenmeidenromans, eventueel keukenmeidenromans voor intellectuelen, omdat zijn personages zich met zoveel toewijding aan zelfreflectie overgeven' (DSL 2003). Maar het mag duidelijk zijn: deze romans zijn alles behalve dat.
Grunbergs stuk was getiteld: 'Weerbericht voor kleinburgers'. Hij had het onder meer over de vooroordelen waarmee het werk van Grondahl worstelt bij een oppervlakkige lezing. De Deen schrijft geen ambitieuze ideeënromans en gebruikt geen breed opgezette historische taferelen. Er is relatief weinig handeling, veel van zijn verhalen spelen zich af in de hoofden van de personages, en er wordt spaarzaam omgesprongen met dialogen - als hij ze al gebruikt, zijn ze opvallend weinig spits of hip. In Grondahls wereld is het vaak verschrikkelijk stil en wordt er gewacht op iets dat wel nooit zal komen. Het zwaartepunt in zijn romans is de beschrijving, de analyse. Zijn pen is, zoals dat heet, een scalpel.
Weerstand tegen geluk
Grondahls personages zijn typisch geslaagde burgers, advocaat, architect of dokter, 'verstopte exemplaren van de academische middenklasse' (DSL 2003). Ze wonen in westerse welvaartsstaten, in culturele wereldsteden als New York, Rome, Londen, Parijs of Kopenhagen, in wat alleen maar als 'onze tijd' omschreven kan worden. Ze hebben er carrières en gezinnen, maar zijn er ook eenzaam - ze verlangen, streven naar geluk, maar hebben vooral problemen met de liefde, en met zichzelf. Het is een intrigerende spiegel: zijn personages zijn zoals wij zijn, of zoals wij hadden of zouden kunnen zijn.
In interviews erkent Grondahl de betrekkelijke monomanie in zijn werk. In november 2008 liet hij optekenen: 'Hoewel ik voor iedereen schrijf, ga ik er niet van uit dat iedereen iets aan mijn boeken heeft. Ik geloof niet dat ik mezelf voortdurend kan heruitvinden als schrijver. Ik schrijf om bepaalde redenen - redenen die ook voor mij deels verborgen zijn. Door te schrijven en steeds terug te keren naar mijn obsessies, ga ik naar die redenen op zoek. Ik kies in dat opzicht niet echt mijn thema's - ze zijn daar. En ze zijn basaal: mannen en vrouwen, herinnering, tijd, verlangen' (DSL 2008). Grondahl heeft wat niet essentieel is, al lang geleden uitgebannen. Wie hem leest, verliest geen tijd met bijzaken.
Wellicht het belangrijkste thema in zijn tien tussen 1998 (Stilte in oktober) en 2010 (Dat weet je niet) vertaalde romans is de liefde, die Grondahl beschouwt als 'de enige stabiele kracht in een onstabiel leven'. Altijd, zegt hij, is er die 'nood om dicht bij iemand anders te zijn, om je leven te delen en aan het isolement te ontsnappen. Maar velen verlaten of worden verlaten' (DSL 2008). 'Geen banaal detail dat er niet door wordt verzacht en vertederd', door de liefde, maar in de praktijk is het vaak een amalgaam van 'verlating en schuld en betraand gebedel om wat warmte en tederheid' (JCG 2008).
Niet de perfecte of harmonieuze liefde is zijn werkterrein, maar de onmogelijkheid tot liefde, de beschadigde liefde, of op zijn minst de onvolkomen liefde. 'Er was steeds diezelfde onmerkbare afstand, alsof ze onophoudelijk van hem weggleed, zelfs wanneer hij haar in zijn armen hield', schrijft Grondahl in Virginia (JCG 2001). En in Indian summerluidt het: 'Ik vroeg me af hoe zo'n onrijpe en onkundige liefde het terugkerende thema in mijn leven had kunnen worden, ondanks alle andere vertakkingen, vrouwengezichten en open mogelijkheden daarin' (JCG 2002).
De liefde is bij Grondahl een stabiele kracht - niet alleen als ankerpunt in de chaos van het leven, maar ook, en misschien wel vooral, in haar willekeur. 'Het kan je liefde niet schelen van wie je houdt' (JCG 1998), beseft de verteller van Stilte in oktober. Zijn personages ervaren een afstand tussen de wereld en henzelf, en doorvoelen dat de mens in essentie alleen is. August, de schrijver uit Indian summer, wil 'de gebaren van de liefde veranderen in een liefdesgeschiedenis', maar stelt vast dat hij daarvoor met twee moet zijn, en dat ze 'het maar zelden eens waren over de inhoud van de vertelling' (JCG 2002). De mens is meer dan alleen: hij is ook bijzonder gebrekkig.
Dat wurgende besef verklaart mede waarom de personages die Grondahls fictieve universum bevolken in het algemeen niet gelukkig zijn, hoewel ze er op het eerste en ook wel op het tweede gezicht alles voor in handen hebben. In dat opzicht leven ze fascinerende maar tragische levens, met de 'lacunes van de lege dagen, de onverklaarbare aanvallen van de droefheid in de avond, de loerende angst, de sluimerende begeerte. Alsof het leven een nieuwtje was, enkel omdat hijzelf onlangs zijn portie had gehad aan teleurstellingen, misverstanden en verloren horizonnen' (JCG 2002).
In de romans van Jens Christian Grondahl floreert een bijna natuurkundige weerstand tegen geluk. Het deed Grunberg denken aan de brievenroman Les liaisons dangereuses van Choderlos de Laclos, 'waarin de hoofdpersonen de tijd doden met het spelen van spelletjes, gezelschapsspelletjes met de liefde' (DSL 2003). Omdat de personages voor de rest alles hebben, komt het altijd weer neer op de liefde, het gebrek eraan, en het vruchteloze verlangen ernaar.
Onvrijwillig geheugen
Het is goed spelen binnen de krijtlijnen die Grondahl heeft gekalkt. Zijn narratieve structuur is even elegant als herkenbaar: na de klassieke aanloop volgt een volta, een crisismoment dat de personages dwingt om terug te kijken op hun verleden, en het in bepaalde opzichten te herleven, om zo tot een loutering te komen, of net niet. In zijn essaybundel Drie stappen achteruit verbindt hij 'verhalen vertellen' met 'een gevoel van verlies': pas op het moment dat je iets voorgoed hebt verloren, maak je de balans op van de voorgeschiedenis, en kan een verhaal beginnen (JCG 2007).
Met die herkenbare verhaalopbouw verwijst Grondahl indirect naar zijn literaire voorbeeld Proust, die in A la recherche du temps perdu, in een wereldberoemde scène, beschrijft hoe de herinnering van de verteller wordt losgeweekt door de smaak van een in thee gesopt madeleinekoekje. Prousts verteller vergelijkt de ervaring met liefde, maar dan op een bijzondere manier - ze vervult hem met een 'essence précieuse' die niet zozeer in hem is, als wel hem zelf is.
Het tafereel is een sprekend voorbeeld van het concept 'onvrijwillig geheugen': de herinnering dringt zich op, overweldigend en onafwendbaar, en laat geen enkele andere optie dan terug te keren in de tijd.
Datzelfde concept keert, bijna als een kwaliteitslabel, terug in de meeste van zijn romans.Indian summer draait om de driehoeksverhouding tussen schrijver August, zijn jeugdliefde Alma en de schilder Gustav. Ooit had Alma een relatie met August, maar ze liet hem zitten voor zijn vriend Gustav. August trouwde daarna dan maar met Harriet, die hem uiteindelijk ook laat zitten: het overspoelt August allemaal wanneer hij Alma twintig jaar later tegenkomt op een receptie. In de ontroerende novelle Virginia valt het beslissende moment op een druilerige zondag in Parijs. De verteller komt er een vrouw tegen waarop hij vijftig jaar eerder in stilte stormachtig verliefd was tijdens een vakantie op Jutland. Het meisje verzorgde er de ondergedoken piloot van een neergestort Engels oorlogsvliegtuig, en viel voor hem. Door haar te bespieden en te volgen, leverde de jongen de piloot zonder dat zelf te willen over aan Duitse soldaten. Ook in Rode handen begint alles met een ontmoeting, tussen de verteller en Sonja, vijftien jaar na hun eerste kennismaking. Ze zet hem aan het denken. Toen zadelde ze hem na een korte ontmoeting op met een kluis vol Duitse marken en bleek ze zijdelings betrokken bij de Rote Armee Fraktion; nu is hij getrouwd en woont hij in een residentiële buitenwijk van Kopenhagen. In Stilte in oktober is de aanleiding voor de afdaling in het geheugen een relatiebreuk, na achttien jaar, tussen een kunsthistoricus en zijn vrouw. Terwijl hij zoekt naar een verklaring, en onafgebroken zijn geheugen afgraaft naar het moment en de plaats waar het fout zou kunnen zijn gelopen, ziet hij aan de hand van haar bankafschriften dat ze een reis overdoet die ze samen jaren eerder hebben gemaakt. Ook in het indringende De tijd die nodig is komt er een mislukt huwelijk aan te pas. Ingrid begint haar Proustiaanse terugkeer nadat ze op zakenreis wordt gebeld met de mededeling dat haar zoon op het politiekantoor wordt vastgehouden na een aanval op een allochtoon. Ze probeert de opvoeding van haar zoon te reconstrueren, om te weten te komen waar het fout is gegaan, en trekt de terugblik open tot haar hele leven, inclusief dat mislukte huwelijk - dat is 'net alsof ze haar oog tegen een telelens houdt, die een beperkte uitsnede vergroot door de tussenliggende afstand samen te persen en onherkenbaar te versluieren' (JCG 2008). David en Emma uit Dat weet je niet, daarentegen, hebben de echtscheidingstsunami in hun vriendenkring overleefd. Ze worden overspoeld door herinneringen over de opvoeding van hun dochter Zoë en over hun relatie waarbinnen zij is opgevoed - hoewel er ook andere relaties hadden kunnen zijn, met andere vrouwen of met een andere man, is dat niet gebeurd, of toch niet structureel.
Altijd beschrijft Grondahl, net als Proust, een specifieke aanleiding voor het verzinken in herinneringen. Er is een litteken of een wonde die door een bepaalde gebeurtenis wordt opengereten - de geur van het wondvocht werkt precies als een in een kop thee gesopt koekje en zet het onvrijwillige geheugen in gang. Aan de basis ligt altijd een trauma: een ongeconsumeerde liefde, een verkeerd uitgedraaide keuze, een ondraaglijk moment van willekeur, of, een favoriet onderwerp van Grondahl, overspel. Het komt in de meeste van zijn boeken voor, in Veranderend licht, Dat weet je niet, Lucca, Indian summer en Piazza Bucarest, en in De tijd die nodig is - de overspelroman bij uitstek. Iedereen pleegt het er: Ingrid en Anders, Frank en Lise, Norman en Berthe, Per en Ada.
Als overspel, 'terrorisme voor mondige burgers met een hypotheek en humanisten zonder noemenswaardige ideologie' (DSL 2003), niet zelf het beslissende moment is in de verhalen die Grondahl vertelt, is het ten minste olie op het vuur. Hij gebruikt het om in te zoomen op die specifieke momenten waarop de personages hun leven uiteen voelden spatten - daarin is Grondahl een absolute meester. Er is een associatie met het verlies van een 'broze waardigheid', die op haar beurt 'verbonden is met de nietsvermoedende onschuld van het slachtoffer' (JCG 2002).
In december 2010 zei Grondahl over Dat weet je niet: 'Dit is geen boek over verlies en echtscheidingen. De ruzie tussen Emma en David opent deuren naar het verleden, dat wel. Ik hou van kleine drama's en wat me daarin vooral interesseert, is wat die drama's met een mens doen, hoe wij die drama's zien, hoe ze ons gaandeweg veranderen' (DSL 2010).
Falsificatie van het geheugen
...
Constructie van een identiteit
...
Het failliet van het literaire vacuüm
...
De bevrijding van verhalen
...
Het is natuurlijk eigen aan de romanstructuur dat verhalen op een bepaald moment moeten eindigen - het medium is beperkt, net als de tijd en de ruimte. Tenslotte ging ook Odysseus, zelfs Odysseus, naar huis. 'Zoals het de logica van alle vertellingen is dat de cirkel gesloten moet worden', besloot Grondahl zijn lezing in de KVS. 'Maar hij was niet meer dezelfde. Daar had hij teveel voor gezien' (KVS 2010). Toch blijft hij kijken. In zijn hoofd vertelt de held nog steeds verhalen - hoe zou hij ook anders kunnen? En zolang Jens Christian Grondahl ze aan ons vertelt, blijven wij luisteren - hoe zouden we ook anders kunnen?
Alexander Van Caeneghem [bron: https--streventijdschrift.be/de-geur-van-wondvocht]
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
Nieuwpoort+Deel Westende
vu 41x
sauvegardé 0x
Depuis 27 août '24
Numéro de l'annonce: m2151403107
Mots-clés populaires
romans policierslot de livres policiersmon 2émemain dans BDchristian jacq dans Romanschristian jacques dans Romans historiqueschristian jacq dans Romansmes annonces sur 2ememain dans Jeux | Xbox Onechristian defays dans Curiosités & Brocantechristian motors dans Peugeotchristian defays dans Curiosités & Brocantechristian hocquet dans Art | Dessins & Photographiechristian dans Art | Peinture | Modernechristian silvain dans Art | Lithographies & Sérigraphieschristian defays dans Art | Sculptures & Boisappartement te huur genk dans Appartements & Studios à louercash dans Téléphonie mobile | Apple iPhonemaison isolee dans Maisons à vendrebuggy 250 dans Quads & Trikesbmw e46 radio cd dans Autoradioswelkenraedt dans Micro-ondescampagnolo hyperon dans Vélos | Vélos de coursesamsung subwoofer dans Barres de sonx hamster dans Rongeurs & Lapins | Cages & Clapiersvélo électrique elops dans Vélos électriques